Reizen kan een mooie gelegenheid zijn om nieuwe plaatsen te ontdekken, tot rust te komen en tijd door te brengen met familie. Tegelijkertijd brengt reizen ook onzekerheden met zich mee. Daarom kan een moslim zich afvragen: hoe kan ik mezelf beschermen wanneer ik op reis ga? Welke voorzorgsmaatregelen moet ik nemen en welke smeekbeden heeft de Profeet ﷺ ons geleerd om bescherming bij Allah te zoeken?
Binnen de islam bestaat bescherming tijdens een reis niet uitsluitend uit het nemen van praktische maatregelen. Ook de spirituele bescherming speelt een belangrijke rol. De moslim neemt voorzorgsmaatregelen en wendt zich tegelijkertijd tot Allah, door Hem te gedenken en de smeekbeden te verrichten die de Profeet ﷺ ons heeft geleerd.
Neem voorzorgsmaatregelen voordat je op reis gaat
Wanneer iemand nadenkt over bescherming tijdens een reis, is het belangrijk om allereerst stil te staan bij de voorzorgsmaatregelen die hij kan nemen. Het gaat daarbij zowel om de fysieke als om de spirituele bescherming. Allereerst, reis niet onnodig alleen. Voor een vrouw is niet toegestaan om zonder mahram te reizen. Voor mannen is het aanbevolen om in gezelschap te reizen, bijvoorbeeld met een groep, in plaats van alleen. Een ander belangrijk punt is het vermijden van onnodige risico’s. Niet iedere bestemming hoeft koste wat het kost te worden bereikt. Soms kan iemand zo gefocust raken op het afvinken van zijn bucketlist dat hij nauwelijks nog stilstaat bij de vraag waarom hij bepaalde doelen eigenlijk nastreeft. Het gaat er niet om dat iedere reis vermeden moet worden, maar dat een moslim bewust nadenkt over zijn keuzes en geen onnodige risico’s neemt om een bepaald doel te bereiken.
Zoek bescherming bij Allah met de smeekbeden van de reis
Naast de praktische voorzorgsmaatregelen heeft de Profeet ﷺ verschillende smeekbeden geleerd die de moslim tijdens het reizen kan verrichten. Deze smeekbeden zijn een middel om bescherming bij Allah te zoeken. Ze hebben betrekking op de reiziger zelf, maar ook op zijn gezin en de familieleden die achterblijven. Het is daarom belangrijk om niet alleen te weten dat deze smeekbeden bestaan, maar ook om ze te leren en daadwerkelijk te verrichten wanneer men op reis gaat.
De reisdu‘aa bij vertrek
Een van de belangrijkste smeekbeden voor de reiziger is de reisdu‘aa. Deze is overgeleverd door ‘Abdullah ibn ‘Umar1 in Sahih Muslim. Volgens deze overlevering zei de Profeet ﷺ, wanneer hij op reis ging en zijn rijdier besteeg:
Allahu akbar, Allahu akbar, Allahu akbar. Subhana alladhi sakhkhara lana hadha wa ma kunna lahu muqrinin, wa inna ila rabbina lamunqalibun. Allahumma inna nas’aluka fi safarina hadha al-birra wat-taqwa, wa minal-‘amali ma tarda. Allahumma hawwin ‘alayna safarana hadha, watwi ‘anna bu‘dah. Allahumma anta as-sahibu fis-safar, wal-khalifatu fil-ahl. Allahumma inni a‘udhu bika min wa‘tha’is-safar, wa ka’abatil-manzar, wa su’il-munqalabi fil-mali wal-ahl.
De globale betekenis hiervan is dat je Allah prijst met “Allahu akbar, Allahu akbar, Allahu akbar”, en daarna het vers uit de Qur’aan reciteert waarin wordt gezegd dat geprezen en verheven is Degene Die dit, doelend op het rijdier of het vervoermiddel, tot onze beschikking heeft gesteld en dienstbaar voor ons heeft gemaakt, terwijl wij niet in staat waren om het uit onszelf dienstbaar te maken. Vervolgens vraag je Allah tijdens deze reis om al-birr en taqwa: om vroomheid, Godsvrees en goede daden waar Hij tevreden mee is. Je vraagt Allah om deze reis draaglijk en gemakkelijk voor je te maken en om de afstand voor je te verkorten. Ook zeg je dat Allah de Metgezel is van de reiziger en de Beschermer van de achterblijvers, doelend op je gezin of familieleden die achterblijven. Daarna vraag je bescherming bij Allah tegen de moeilijkheden van de reis, tegen het zien van datgene wat je treurig maakt, of dat nu tijdens de reis is of bij terugkomst wanneer je thuiskomt en ziet hoe je gezin, familie of eigendommen eraan toe zijn.
De smeekbede gaat dus niet alleen over het bereiken van de bestemming of het veilig doorstaan van de reis. De reiziger vraagt Allah ook om hem tijdens zijn reis te helpen goede daden te verrichten en te handelen op een manier waarmee Hij tevreden is.
Welke smeekbede zeg je bij terugkeer naar huis?
De reisdu‘aa wordt niet alleen bij vertrek verricht. Ook wanneer de reiziger terugkeert naar huis, verricht hij dezelfde smeekbede. Op de terugweg voegt hij aan het einde de volgende woorden toe:
Ayibuna, ta’ibuna, ‘abiduna, li rabbina hamidun.
De betekenis hiervan is: Wij keren terug, wij keren terug in berouw tot Allah, wij aanbidden onze Heer en wij prijzen Hem.
Met deze woorden benadrukt de reiziger dat hij terugkeert terwijl hij Allah gedenkt, Hem aanbidt en Hem prijst. De smeekbede bij= terugkeer is daarmee een voortzetting van de aanbidding en het gedenken van Allah die ook tijdens de reis centraal staan.
De smeekbede van Nuh bij aankomst
Naast de smeekbeden bij vertrek en terugkeer zijn er ook smeekbeden die betrekking hebben op de aankomst op een bestemming. Een daarvan is de smeekbede van Nuh3, die in de Qur’aan wordt genoemd. Deze smeekbede houdt verband met de ark van Nuh4 en de plaats waar deze, volgens de bepaling van Allah, aankwam. De smeekbede luidt:
رَبِّ أَنْزِلْنِي مُنْزَلًا مُبَارَكًا وَأَنْتَ خَيْرُ الْمُنْزِلِينَ
Rabbi anzilni munzalan mubarakan wa anta khayrul-munzilin.
De betekenis is: Mijn Heer, laat mij op een gezegende plaats aankomen, en U bent de Beste om ons te laten aankomen. De betekenis ervan is dat iemand Allah vraagt om een gezegende aankomst en erkent dat Allah Degene is Die daarvoor het beste kan zorgen.
Zoek bescherming bij aankomst op een nieuwe plek
Een andere smeekbede is overgeleverd door Khawlah bint Hakim5 en staat in Sahih Muslim.
Volgens deze overlevering heeft de Profeet ﷺ geleerd dat iemand die op een bestemming of tussenstop aankomt, bescherming bij Allah kan zoeken met de volgende woorden:
أَعُوذُ بِكَلِمَاتِ اللَّهِ التَّامَّاتِ مِنْ شَرِّ مَا خَلَقَ
A‘udhu bi kalimatillahit-tammati min sharri ma khalaq.
De betekenis is: Ik zoek bescherming bij de volmaakte woorden van Allah tegen het kwaad van wat Hij heeft geschapen.
De overlevering vermeldt dat degene die deze smeekbede uitspreekt bij aankomst op een plek, geen schade zal ondervinden totdat hij die plek weer verlaat.
De smeekbede bij aankomst in een dorp of stad
Ook voor het aankomen in een nieuw dorp, een nieuwe stad of een andere plaats na een reis wordt een specifieke smeekbede genoemd. De smeekbede luidt:
Allahumma rabba as-samawati as-sab‘i wa ma adhlalna, wa rabbal-aradina as-sab‘i wa ma aqlalna, wa rabbash-shayatini wa ma adlalna, wa rabbariyahi wa ma dharayna, fa inna nas’aluka khayra hadhihil-qaryati wa khayra ahliha, wa na‘udhu bika min sharriha wa sharri ahliha wa sharri ma fiha.
In deze smeekbede richt de reiziger zich tot Allah als de Heer van de zeven hemelen en alles wat zij bedekken, de Heer van de zeven aarden en alles wat zij dragen, de Heer van de shayatin en de Heer van de wind. Vervolgens vraagt hij Allah om het goede van de plaats waar hij is aangekomen en om het goede van haar inwoners. Tegelijkertijd zoekt hij bescherming bij Allah tegen het slechte van die plaats, het slechte van haar inwoners en het slechte dat zich daar bevindt. De smeekbede omvat daarmee zowel het vragen om het goede als het zoeken van bescherming tegen het slechte.
Leer deze smeekbeden ook aan je gezin
De smeekbeden die tijdens een reis worden verricht zijn niet alleen belangrijk om zelf te kennen. Het is van belang om ze ook aan je gezin te leren. Wanneer een gezin op reis gaat kunnen deze smeekbeden onderdeel worden van de voorbereiding op het vertrek en van de momenten waarop men op de bestemming aankomt. En Allah weet het beste.